Zoeken

Meer over bekostiging

In de bekostiging wordt onderscheid gemaakt tussen basiskosten (vergelijkbaar met de gemiddelde kosten voor een reguliere leerling) en kosten voor extra ondersteuning (zware ondersteuning). Alle scholen, ook (v)so-scholen, krijgen vanuit het Rijk de basisbekostiging per ingeschreven leerling. Aanvullend daarop is er een budget voor zware ondersteuning beschikbaar.

Geld voor zware ondersteuning naar samenwerkingsverbanden

Het aanvullende budget voor zware ondersteuning wordt naar rato van het aantal leerlingen in het samenwerkingsverband verdeeld over de samenwerkingsverbanden. Met dit budget kunnen samenwerkingsverbanden de kosten voor extra ondersteuning betalen. Ook betalen ze hiermee de inschrijving van leerlingen in het (v)so. Op deze manier heeft ieder samenwerkingsverband relatief evenveel geld voor extra ondersteuning. Dat is anders dan de situatie vóór de invoering van passend onderwijs, toen de middelen voor extra ondersteuning ongelijk verdeeld waren over het land. Deze verandering heet ‘verevening’. Omdat de verevening herverdeeleffecten met zich meebrengt, is er een overgangsregeling. Met deze regeling groeien regio’s in 5 jaar tijd – tussen 2015 en 2020 – naar het nieuwe budget toe.

Bekostigingscategorieën

De bedragen voor leerlingen die ingeschreven worden in het (voortgezet) speciaal onderwijs liggen vast. Deze bedragen zijn verdeeld in categorie laag, midden en hoog.

  • Categorie ‘laag’ is ongeveer gelijk aan de huidige bekostiging voor zmlk (zeer moeilijk lerende kinderen) en lz (langdurig zieken) in cluster 3 en cluster 4.
  • Categorie ‘midden’ is ongeveer gelijk aan de huidige bekostiging voor lg (lichamelijk gehandicapt).
  • Categorie ‘hoog’ is ongeveer gelijk aan de huidige bekostiging voor mg (meervoudig gehandicapt).

Welke leerling in welke bekostigingscategorie valt, bepaalt het samenwerkingsverband. Ook bepaalt het samenwerkingsverband de criteria op basis waarvan een leerling kan worden ingeschreven in het (v)so. Het beleid en de procedure voor plaatsing van leerlingen in het speciaal onderwijs leggen samenwerkingsverbanden vast in het ondersteuningsplan.

Cluster 1 en 2

De instellingen voor cluster 1 en 2 ontvangen de middelen voor het onderwijs aan leerlingen met een visuele, auditieve en/ of communicatieve handicap. Zij bieden zowel (voortgezet) speciaal onderwijs als begeleiding op reguliere scholen.

Epilepsiescholen

Vanwege hun specifieke deskundigheid ontvangen de epilepsiescholen nog steeds rechtstreekse bekostiging voor de landelijke ambulante begeleiding van leerlingen met epilepsie. Deze ab-middelen zijn dus niet overgegaan naar de samenwerkingsverbanden. Voor ambulante begeleiding in het regulier onderwijs kunnen samenwerkingsverbanden net als voorheen terecht bij het Landelijk Werkverband Onderwijs en Epilepsie (LWOE).

Let op: heeft een leerling bijvoorbeeld ook remedial teaching of bijles nodig, de zogenaamde ‘extra handen in de klas’, dan bekostigt de LWOE dit niet. Voor deze inzet kan de school gebruikmaken van het budget van het eigen samenwerkingsverband. Het LWOE ontvangt namelijk alleen bekostiging voor ambulante begeleiding.

De website passend onderwijs valt onder de verantwoordelijkheid van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
De informatie op deze website komt tot stand in samenwerking met onder andere de PO–Raad, de VO–raad, de AOC Raad en de MBO Raad.
Waarmerk drempelvrij